Op dit moment heeft Vitens alle niet-urgente werkzaamheden achter de voordeur stopgezet.

 Zo voorkomen we verspreiding van het coronavirus. Natuurlijk lossen we acute storingen en lekkages altijd op.

Meer informatie

Voldoende drinkwaterbronnen over honderd jaar vergt radicaal omdenken

Hoe zou een robuust Nederland eruit kunnen zien over honderd jaar? En zijn er dan nog voldoende drinkwatervoorraden? Wetenschappers van de Wageningen Universiteit (WUR) maakten een kaart van Nederland in 2120. Dat we collectief aan de bak moeten, is zeker. “Nederland laat nog veel kansen onbenut.”

Visie 2120 mede bepaald door waterhuishouding

“Het is een visie over hoe een toekomstbestendig Nederland eruit zou kúnnen zien,” zegt programmaleider duurzaam waterbeheer Arjan Budding van de WUR. Samen met zijn collega’s was hij betrokken bij de ontwikkeling van een kaart van Nederland in 2120. Hierbij was het optimaal benutten van water een leidende factor voor een natuurlijkere toekomst. Wat de wetenschappers schetsen is geen doemscenario, maar juist een positieve visie van een ‘groen’ land dat meebeweegt met natuurlijke veranderingen.

Grote uitdaging: anderhalve meter zeespiegelstijging

Hoe het klimaat gaat veranderen, is niet precies te voorspellen. De wetenschappers moesten daarom een aantal aannames doen. Ze gaan ervan uit dat de zeespiegel maximaal anderhalve meter stijgt. Ook zou de lijn van extremer weer aanhouden: de temperatuur blijft stijgen, de droogte zet door en we krijgen te maken met nog hevigere regenval, vooral in piekmomenten. Het klimaat wat we nu in Midden-Frankrijk kennen, zal dan bij ons ‘normaal’ zijn. We zien de biodiversiteit meer afnemen en energie wordt niet meer fossiel opgewekt. Ook neemt de bevolkingsgroei in Hoog-Nederland flink toe.

Daling grondwaterpeil en meer kans op verzilting

De veranderingen hebben ook invloed op de drinkwaterbronnen en grondwaterpeil. Door het stijgen van de zeespiegel is er in het westen van Nederland een grotere kans op verzilting. Zout of brak grondwater zal meer aan de oppervlakte komen en ook de rivieren zullen, versterkt door een lagere afvoer in de zomer, landinwaarts zouter worden. Dat is om veel redenen onwenselijk, niet in de minste plaats voor drinkwaterbedrijven, die zoet oppervlaktewater gebruiken voor hun bronnen. Mede door de droogte, de toenemende zoetwaterbehoefte en daarmee de stijging van grondwateronttrekkingen zal het grondwaterpeil verder dalen.

Maar verloren zijn we allerminst, zegt Budding. “Nederland laat nog veel kansen onbenut”. De wetenschapper laat de kaart van Nederland in 2120 zien. Hierin is ons land niet op de gebruikelijke wijze afgebeeld, maar een kwartslag gedraaid. “Zo komt de focus meer op het zeegebied. Dat stuk is óók van ons, dat vergeten we nog weleens. Daar valt nog veel te bereiken, bijvoorbeeld voor voedselproductie.”

Keuzes maken waarmee niet iedereen blij is

Voor de verandering voor een toekomstbestendig Nederland in 2120 is het noodzaak dat de ruimtelijke ordening hoger op de agenda komt. Budding: “Voor de noodzakelijke watertransitie is een duidelijke regie van de Rijksoverheid nodig, die de provincies en gemeenten kan aansturen met wet- en regelgeving.” Dat vergt een radicale manier van omdenken, benadrukt Budding. Volgens de expert is de Nationale Omgevingsvisie (NOVI), die in september door de kamer is aangenomen al een stap in de goede richting. “De natuur als basis klinkt wellicht lief en mooi, maar het houdt ook in dat we keuzes moeten maken waar niet iedereen blij mee is.”

Polders teruggeven aan de natuur

Als we de verzilting willen tegengaan, is een optie om de allerdiepste polders terug te geven aan de natuur. Dat betekent dat we over honderd jaar niet meer overal kunnen wonen waar we willen. Budding: “Er komt steeds meer druk van zout water op het lagere gebied. Dat los je niet op door te gaan pompen. We kunnen tegendruk uitvoeren door in sommige gebieden het grondwaterpeil hoog te houden”. En dat gaat om offers, geeft Budding toe. “Op sommige plekken wonen nu mensen en is er economische bedrijvigheid. Aan de andere kant krijgen we er nieuwe natuur en ruimte voor nieuwe productiesystemen voor terug.”

Grondwaterpeil steeds herstellen

Daarbij is er de laatste jaren een aanzienlijke toename van grondwateronttrekkingen. “Naast het verstandig en efficiënt gebruik van grondwater moeten we ervoor zorgen dat we de grondwaterbronnen in de winter kunnen herstellen,” stelt Budding. Dat betekent dat we moeten zorgen dat het regenwater maximaal kan infiltreren voordat het moet worden afgevoerd. Hij wijst een aantal rivieren en beken aan op de kaart. “Deze zouden we breder kunnen maken. Dat doen we al, maar dat kan nog veel intensiever.” Bovendien moet er betere afspraken komen over het oppompen van grondwater, volgens de wetenschapper. “Nu heerst nog de mentaliteit: mijn buurman pompt op? Dan ga ik ook snel aan de slag. Dat is over honderd jaar ondenkbaar.”

IJsselmeer krimpt met dubbele oeverzones

De wetenschappers willen het IJsselmeer, met de Afsluitdijk, als grootste zoetwaterreservoir behouden. “Het meer kan door de dijk veel water vasthouden en is ons grote spaarbekken,” verklaart Budding. Wel is het meer op de kaart gekrompen, dieper en heeft het dubbele oevers. Tussen deze oevers en de kust van Noord-Holland en Friesland is het waterpeil stabiel, wat voordelen heeft voor de scheepsvaart. Bovendien stroomt overtollig rivierwater op de toekomstkaart via de IJssel weg. “Dit gebeurt nu nog via de Waal, maar die ligt aanzienlijk lager dan de IJssel. Hierdoor is er meer kans op overstromingen.” Voor dit plan moet de IJssel twee keer zo breed worden. Zo ontstaat er zowel een robuust riviersysteem, als meer ruimte voor natuur en recreatie.

Land niet meer op de eerste plek

Volgens Budding is “de primaire focus op water noodzakelijk” voor een leefbaar Nederland in 2120. Bij de traditionele manier van werken keken de waterschappen eerst naar de eisen van het landgebruik. Daar werd het waterpeil op aangepast; het zogeheten ‘peil volgt functie’-principe. Budding: “Dat ging ook lang goed. Maar we merken dat dit niet meer stand kan houden, het moet juist andersom.” Dat geldt ook voor nieuwbouw, benadrukt hij. “De loop van het water moet de basis zijn van hoe je een wijk inricht. Maar ook: hoe kunnen we water hergebruiken, nieuwe sanitatie toepassen en een circulair watersysteem inrichten.”

Locatie agrarische bedrijven speelt een rol

De agrarische sector speelt een grote rol voor een houdbaar watersysteem, volgens Budding. Hij neemt als voorbeeld een nieuw agrarisch bedrijf. “Met een toekomstgerichte blik gaat de locatie een rol spelen. Staan we dit bedrijf toe op de droge zandgronden in de hoge Veluwe om vervolgens veel water op te pompen? Of kan deze ondernemer zich ook ergens anders vestigen?”

Keuze gewassen belangrijk

Ook de keuzes voor gewassen is steeds belangrijker. Budding: “Fruitteelt heeft bijvoorbeeld drie keer zoveel water nodig dan aardappelen. Dat is in de toekomst niet meer te garanderen. Bovendien moeten we kijken naar gewassen die zouttoleranter zijn.” Hij benadrukt dat dit niet per se negatief hoeft te zijn. “We zijn zeker in staat om gewassen te telen die adaptief zijn en het heel goed doen.” Voor de productie van eiwitten zullen we een verschuiving zien naar plantaardig bronnen. Budding wijst nog eens naar de zee. “Zeewier is een erg interessante bron hiervoor. Dat scheelt weer aanzienlijk voor ruimte op het land en biedt kansen voor een compleet nieuwe sector.”

Beschermen van drinkwaterbronnen noodzakelijk

Voor de drinkwatersector blijft het voor de toekomst belangrijk om de drinkwaterbronnen te beschermen. Budding: “Zo blijft er een watergezonde inrichting bestaan van Nederland.” Daar zit volgens Budding ook een knelpunt. “Ook andere partijen maken keuzes die van invloed zijn op bijvoorbeeld ons grondwaterpeil. Dat gaat om gedeelde verantwoordelijkheid, die soms ook nog overlappen. Daarom is betere afstemming over de huidige regelgeving nodig. Ook is het belangrijk om steeds het gesprek op te zoeken.”

Genoeg handvatten voor voorspoed

Een toekomstig bestendig Nederland “schreeuwt om intensieve samenwerking”. Budding: “Het is niet zo dat Nederland door klimaatverandering verdwijnt. We moeten dit wel gezamenlijk serieus aanpakken. Laten we de veranderingen positief en vooral duurzaam inzetten. We zijn nu nog niet voldoende voorbereid, maar gelukkig zijn er nog genoeg handvatten om er juist iets moois van te maken. En zo is het beeld dat we schetsen voor 2120 zeker realistisch en haalbaar!”

De website Vitens.com werkt het best met cookies. Hiermee verbeteren wij de website en onze service. Meer info: privacy statement.